Een foetus inschrijven in het Basisregistratie Personen

door:
Dagelijks komen er duizenden kinderen gezond en wel ter wereld. In dat geval worden de pasgeboren kindjes ingeschreven in het Basisregistratie Personen. Helaas komt het ook regelmatig voor dat kinderen doodgeboren worden of vrouwen een abortus ondergaan. Deze kinderen hadden tot voor kort geen bestaansrecht in de Nederlandse wetgeving. Daardoor konden zij niet worden ingeschreven. [1]

De afgelopen jaren hebben ouders van doodgeboren kinderen gestreden voor een wijziging van de wet. Onderdeel hiervan was de petitie ‘Ik wil ook in het BRP!’ die maar liefst 82 duizend keer is ondertekend door Nederlandse burgers.[2] Sinds enkele maanden is die wijziging er gekomen in de Wet Basisregistratie Personen (BRP), waardoor er al meer dan vijfduizend doodgeboren kinderen met terugwerkende kracht zijn opgenomen in de basisregistratie. Het eerste kind dat in is geschreven was een levenloos geboren kindje uit 1995. In februari 2019 kreeg het kindje eindelijk bestaansrecht.[3]

Doordat abortus niet werd genoemd in de wetswijziging, was dit nog een grijs gebied. Toch was er ook vanuit deze hoek vraag naar de inschrijving van een geaborteerde foetus. In een uitzending van EO’s NieuwLichtdeed een vrouw haar verhaal. Zij had haar foetus laten aborteren toen ze veertien weken zwanger was en vroeg zich af of de wet ook op haar van toepassing was. Ze was van mening dat het inschrijven van de foetus haar kon helpen bij de rouwverwerking en dus nam ze een advocaat in de arm. Deze verdiepte zich in de zaak en mede gelet op de wetsgeschiedenis bleek er sprake van ruim opgestelde regels. Zo maakt volgens de letter van de wet het geboortejaar, de overlijdensoorzaak of de duur van de zwangerschap niet uit. Volgens Vera Bergkamp, D66-Kamerlid en initiatiefnemer van de wetswijziging is hier bewust voor gekozen.[4] De wet is gebaseerd op het gevoel van de ouders. De registratie heeft geen rechtsgevolgen, aangezien er in juridische zin nog geen sprake is van een mensenleven, daarvoor moet een kind levend ter wereld zijn gekomen.[5]

Toch is dit raar. Een foetus die is geaborteerd, wordt door de inschrijving met terugwerkende kracht mens. Zegt de wetgever daarmee niet eigenlijk: dit was een mens. Is dit de verwezenlijking van een lang gewenste verandering of maakt het de juridische wereld alleen maar moeilijker?


[1]S. Akkerman, ‘Het wringt dat je een geaborteerde foetus mag registreren als doodgeboren kind’, Trouw25 april 2019.

[2]J. Iedendaal, ‘Foetus na abortus ingeschreven in bevolkingsregister’, NOS20 april 2019.

[3]S. Van Zwienen, ‘Eerste Kamer stemt in met erkenning doodgeboren kindjes in persoonsregister’, AD18 december 2018.

[4]O. Tempelman, ‘Vrouw met spijt van abortus laat foetus inschrijven in Basisregistratie Personen’, De Volkskrant 20 april 2019.

[5]L. Ten Haaf, ‘De registratie van een geaborteerde foetus’, Nederlands Juristenblad29 april 2019.


Discussie