Het gevaarlijkste feest van het jaar

door:
De jaarwisseling is in zicht. Dat is namelijk te merken aan de commercie die hierop vooruitloopt met hartverwarmende reclamecampagnes bedoeld om het saamhorigheidsgevoel te versterken, her en der reeds opgetuigde kerstbomen en de bijbehorende kerstverlichting (al is Nederland hier nog vrij bescheiden in), Top 2000-stemlijstjes, de eerste sneeuwbuien en af en toe een fikse knal, al dan niet gevolgd door een piepje in je oor en/of enkele panikerende autoalarmen. Naast zwaar Pools of Italiaans knalvuurwerk kan men begin december soms ook alvast genieten van een mooie pijl of een pot siervuurwerk. Het aankomende nieuwjaarsfeest staat, zoals verwacht, opnieuw ter discussie op het gebied van veiligheid. Oud en Nieuw is synoniem geworden voor ‘het onveiligste feest van het jaar’.

Althans, dat zijn de niet-onterechte bewoordingen van de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV) in hun conclusie naar aanleiding van een groot onderzoek naar het nieuwjaarsfeest. De vorige keer bleken er ruim 11 duizend ordeverstoringen te zijn geweest, waaronder voornamelijk vuurwerkincidenten, brand- en ontploffingsincidenten maar ook vernieling, mishandeling en openlijke geweldpleging. Niet verrassend is dat veel van deze incidenten verbonden zijn aan het gebruik van illegaal vuurwerk en consumentenvuurwerk. Bovendien heeft de afgelopen jaarwisseling voor een dode en ruim vierhonderd gevallen spoedeisende-hulp gezorgd, waarbij, van het geregistreerde letsel, brandwonden (33%) en oogletsel (27%) het meest voorkwamen en in sommige gevallen zelfs sprake was van amputatie door het toedoen van vuurwerk (6%).  Uit dit onderzoek  blijkt dat de vorige keer driekwart van het letsel is veroorzaakt door het consumentenvuurwerk en een kwart door illegaal vuurwerk. De zware incidenten met amputatie als gevolg vinden wel voornamelijk hun oorzaak in het afsteken van illegale knallers. Brandwonden en oogletsel zijn in de meeste gevallen veroorzaakt door siervuurwerk. Daarnaast is er heel wat materiële schade aangericht. De OVV stelt dat de schade aan particuliere eigendommen ongeveer 14 miljoen euro betreft.[1] Dit zijn kennelijk niet de gegevens die passen in de gezellige en vrolijke intentie die van de viering der jaarwisseling uitgaat.

Nederland dient zich te houden aan de Europese ‘Pyrorichtlijn’, welke onder meer minimumveiligheidsvereisten voorschrijft voor het vuurwerk dat in de Europese Unie verhandeld en gebruikt mag worden. Verder zorgt de Pyrorichtlijn er ook voor dat vuurwerk vrij in de Europese Unie verhandeld en vervoerd mag worden.[2] Het Vuurwerkbesluit is de Nederlandse implementatie van deze richtlijn. Belangrijk is de verdeling van vuurwerk in verschillende categorieën die ieder aan een eigen minimum van veiligheidsvereisten zijn gebonden. Van F1, het fop- en schertsvuurwerk, tot F4; het zware, professionele geschut dat eigenlijk alleen gebruikt mag worden door professionals. Hierbij kan gedacht worden aan het indrukwekkende siervuurwerk dat voor grote nieuwjaarshows in de steden wordt gebruikt, maar ook knalvuurwerk zoals de, voor ‘normale’ particulieren verboden, Cobra’s van Di Blasio Elio. De categorieën F2 en F3 betreffen het bekende consumentenvuurwerk dat tussen 29 en 31 december gekocht kan worden. Dit zijn de typische rotjes, vuurpijlen en sierpotten. Vuurwerk mag volgens de Europese Pyrorichtlijn niet verhandeld worden als deze niet voldoet aan de veiligheidsvereisten, waaronder het zoveel mogelijk beperken van rondvliegende brokstukken of grillige, onvoorspelbare bewegingen van het vuurwerk en bescherming tegen onbedoelde ontsteking. Het consumentenvuurwerk, hoe veilig ook, zorgt toch voor een groot deel van het geregistreerde letsel, zoals is gebleken uit de bevindingen van de OVV. Wat betreft het voor consumenten Illegale F4 knalvuurwerk ziet de OVV een groot nadeel in de Pyrorichtlijn. Deze strekt er namelijk toe dat ook het vervoer van dit zware vuurwerk in de Europese Unie wordt bevorderd, waardoor het makkelijker in Nederland bij de niet professionele consumenten terecht kan komen. Het schijnt dat deze grimmige (of vermakelijke?) knallers veel minder door professionals worden afgenomen dan dat er wordt geproduceerd. Misschien wordt het overschot ‘gewoon’ aan particulieren verkocht, maar dat moet nog blijken uit een onderzoek dat afgelopen jaar door de Europese Commissie is opgestart.

De Europese Pyrorichtlijn maakt het mogelijk voor lidstaten om het gebruik van vuurwerk van de tweede en de derde categorie door consumenten te verbieden omwille van de openbare orde, gezondheid, veiligheid of het milieu. Dat is wat de OVV dan ook graag adviseert. In ieder geval doet de raad een aanbeveling aan het Ministerie van Justitie en Veiligheid om de vuurpijlen en de rotjes te verbieden, want die zouden onder het legale vuurwerk de grootste boosdoeners zijn. Echter, de keerzijde hiervan is dat er nog meer vuurwerk als illegaal wordt bestempeld en hierdoor een intensivering van de controle nodig zal zijn.

Daarnaast zou de OVV onder meer graag willen zien, naast betere internationale samenwerking in de opsporing van illegaal vuurwerk, dat de Europese Unie maatregelen gaat nemen tegen de productie van met name de zware knallers uit de F4 categorie. De voor de hand liggende oplossing zou een verbod op de productie van dit vuurwerk zijn. Voor zo een beslissing is echter (nog) te weinig draagvlak onder de lidstaten. Het is nu vooral Nederland die het probleem van het illegale professionele vuurwerk onderkent en aankaart.

Ten aanzien van de ordeverstoringen in het algemeen tijdens de jaarwisseling doet de OVV ook de aanbeveling dat gemeenten veel meer met elkaar moeten samenwerken in termen van uitwisseling van informatie, overeenkomstige aanpak en simpel gezegd het geven van ‘tips & tricks’ over en weer. Volgens de OVV zou de gemeente Oud en Nieuw moeten benaderen als een ‘evenement’. Dit betekent dat alle activiteiten in rondom de jaarwisseling zich binnen een door de gemeente gegeven kader van regels zouden moeten afspelen, zodat het feest een veilig en georganiseerd chaosje wordt.

Het is niet waarschijnlijk dat het voorgestelde verbod van knalvuurwerk en vuurpijlen er heel snel gaat komen. Wel mag gezegd worden dat tegenwoordig de meerderheid van de mensen voor dit verbod is. De recente opiniepeiling van EenVandaag wees uit dat van de 32 duizend mensen, maar liefst 68% voor een verbod op knalvuurwerk en pijlen is.[3] Voorheen was de meerderheid in de politiek geen groot voorstander van een verbod op consumentenvuurwerk, maar nu er vanuit de maatschappij steeds robuustere geluiden komen die aandringen op nog strengere regelgeving met betrekking tot het consumentenvuurwerk, is het niet ondenkbaar dat er de komende jaren nog meer veranderingen worden doorgevoerd voor het afsteken van consumentenvuurwerk. Aan de andere kant bestaat er onder vele Nederlanders geen behoefte aan nog meer regulering, of zelfs een verbod op populaire vuurwerkartikelen als pijlen en rotjes. De traditie blijft voor velen te diep geworteld. Het afsteken van consumentenvuurwerk met Oud en Nieuw is immers al een paar jaar geleden opgenomen in de inventaris van Nederlands immaterieel cultureel erfgoed.

Het gevaarlijkste feest van het jaar lijkt zichzelf ten aanzien van het vuurwerk nogmaals in gevaar te brengen. In ieder geval wordt er met het rapport van de OVV nog eens een fel licht geworpen op de schaduwzijde van oud en nieuw. Liefhebbers van doe-het-zelf-vuurwerk hoeven niet meteen alle hoop op de voortzetting van onze decenniaoude traditie te laten varen, maar het lijkt erop dat bezwaren tegen consumentenvuurwerk in de toekomst zullen leiden naar een nog strenger vuurwerkbeleid. Wellicht kunnen we alvast (minder risicovolle) tradities van andere landen gaan overnemen, zoals een Frans tiengangendiner, zodat er geen tijd meer is voor vuurwerk, of op z’n Australisch genieten van uitsluitend professioneel georganiseerde vuurwerkshows.


Discussie

Relevante artikelen