Mediatisering van het recht: Interview met Meester Leonie (Deel 2)

door:
?Elke zichzelf respecterende student met een Facebookaccount kent haar: Leonie van der Grinten, beter bekend als Meester Leonie. In het kader van het onderwerp ‘Mediatisering van Rechtspraak’, waar ik al eerder over schreef in De publieke opinie (deel 1), kreeg ik de eer Meester Leonie te interviewen. Extra leuk, omdat Meester Leonie vorige week is uitgeroepen tot populairste advocaat op Facebook!

Meester Leonie is een advocaat met een indrukwekkend CV. Zij heeft de opleiding Rechtsgeleerdheid gevolgd in Tilburg en heeft zich vervolgens gespecialiseerd door twee masters te doen, namelijk de masters Strafrecht (op Tilburg University) en Forensica, Criminologie en Rechtspraak (op Maastricht University). Haar eerste master heeft ze cum laude gehaald en ze heeft tussendoor nog gewerkt voor Gerard Spong. Inmiddels is ze een beëdigd strafrechtadvocaat en volop bezig met de beroepsopleiding.

Wat Meester Leonie éxtra bijzonder maakt is dat zij door middel van blogs, uitleg van uitspraken en het geven van haar mening over maatschappelijke problematiek, het recht toegankelijk maakt voor de gewone burger. Dit resulteert in veel discussie onder haar Facebookposts. Het feit dat er steeds meer op Facebook wordt geplaatst, ook uitspraken van rechters (denk aan de vader die een stoel naar een rechter gooide), zorgde ervoor dat ik erg benieuwd was hoe al die meningen en de publieke discussie invloed hebben op het werk van een advocaat en overige professionals op juridisch gebied.
In dit interview zal Meester Leonie haar licht laten schijnen op het thema mediatisering van de rechtspraak.

Femke: Wanneer je een zaak voorgelegd krijgt, die uitgebreid wordt uitgemeten in de media, volg je dan alle berichtgeving hieromtrent?
Meester Leonie: Als beginnend advocaat (ik ben beëdigd op 30 januari dit jaar) heb ik in mijn eigen praktijk nog geen echte mediazaken meegemaakt. Gezien het feit dat De Rooij – Van Wijk Advocaten een vrij groot strafrechtkantoor is, zie ik dit wel terug bij mijn kantoorgenoten. De berichtgeving omtrent dit soort zaken volg ik zeker. Wel past daarbij een kleine kanttekening, namelijk dat ik in principe alle berichtgeving omtrent het strafrecht volg. Dus ook die berichtgeving omtrent strafzaken waarbij de verdachte niet aan ons kantoor verbonden is.

Femke: Wordt er met advocaten onderling gesproken over dergelijke zaken?
Meester Leonie: Jazeker. In een grote mediazaak waar ik op dit moment wel aan meewerk zijn 10 advocaten verbonden. Zeker in dat geval wordt met elkaar overlegd en wordt de zaak (uitgebreid) besproken. Maar ook over zaken buiten kantoor spreek ik met anderen. De grote strafzaken zijn vaak natuurlijk zaken die aanspreken, en strafrechtadvocaten hebben nu eenmaal een (sterke) mening…

Femke: Zie je een mediacircus als een verzachtende omstandigheid?
Meester Leonie: Wanneer een verdachte in de media al is veroordeeld voordat een rechter er aan te pas is gekomen (trial by media) kan dit inderdaad in de strafmaat meewerken. Zelfs al zou een verdachte in zo’n zaak worden vrijgesproken, dan nog blijft die zaak hem of haar de rest van zijn leven achtervolgen. Een beschuldiging wordt groot uitgemeten op pagina 1, een vrijspraak komt in een kolommetje op pagina 6. Inderdaad zie ik een veroordeling door/in de media daarom als een omstandigheid die meegenomen dient te worden in de strafmaat. Overigens heb ik hier een keer een blog over geschreven, zie http://meesterleonie.nl/tomatengooien-anno-2014/ .

Femke: Is publieke blamage in de media een voldoende straf?
Meester Leonie: Deze vraag kan ik niet met ‘ja’ of ‘nee’ beantwoorden. Bij minder zware strafbare feiten die in de media onterecht als zwaar zijn gekwalificeerd kan ik me voorstellen dat in bepaalde omstandigheden publieke blamage een voldoende straf is. Wel denk ik dat hier slechts in zeer uitzonderlijke omstandigheden sprake van zal zijn. Omdat er in de vraag wordt gesproken over een ‘straf’ betekent dit automatisch dat daarmee een feit bewezen is verklaard. Normaal gesproken dient er dan een straf te volgen, zo werkt immers ons systeem. Een uitzondering daarop is artikel 9a Sr: schuldigverklaring zonder straf. Alleen in dat geval kan de rechter volstaan met een enkele schuldigverklaring en het niet opleggen van een straf. Een 9a is echter niet dagelijkse koek. Kortom: ik kan wellicht wel vínden dat publieke blamage in de media voldoende straf is, maar ik denk dat de rechter hier niet snel in mee zal gaan dan wel mee zou kunnen gaan.

Femke: Maakt het feit dat men op sociale media kan reageren op nieuwsberichten omtrent lopende zaken de rechtspraak meer toegankelijk?
Meester Leonie: Ik denk niet dat reacties op nieuwsberichten het recht meer toegankelijk maken. Ik denk wel dat nieuwsberichten in het algemeen (mits goed onderbouwd en correct, dus niet vrijspraak in plaats van ontslag van alle rechtsvervolging…) de rechtspraak wel meer toegankelijk maken. Mits er onder zo’n nieuwsbericht een goede discussie ontstaat dan kan dit bijdragen aan kennis over de rechtspraak in het algemeen. Helaas zie je vaak dat de discussies niet van hoog niveau zijn en dat het de rechtspraak juist niet ten goede komt (bijvoorbeeld de reacties onder het bericht van gisteren dat een vader de moordenaar van zijn kind een pak slaag gaf in de rechtbank, zie de Facebookpagina van het AD).

Femke: Wanneer er een zaak breed uitgemeten wordt in de media, ben je dan zelf wel eens bang voor kritiek?
Meester Leonie: Zoals eerder gezegd heb ik zelf nog geen ervaring met cliënten die onderwerp zijn van een grote mediazaak. Ik kan hier dan ook (nog) geen antwoord op geven.

Femke: Op je website staat: Leonie van der Grinten is meester in de rechten en wil middels deze blog het strafrecht en de maatschappij op een toegankelijke manier dichter bij elkaar brengen. Je hebt heel veel fans en veel positieve aandacht voor deze blog. Heb je ook wel eens gemerkt dat juist doordat men door jou de rechtspraak beter begrijpt, negativiteit ontstaat op je blog? Hoe ga je hiermee om?
Meester Leonie: Dank je! Met bijna 10.000 volgers gaat het best oké ja… Ik heb tot nu toe slechts een paar keer een negatieve reactie gehad onder één van mijn posts. Ik heb in de beginperiode van mijn blog (ongeveer zo’n 8 maanden geleden) een keer een bericht geschreven over de Poolse man die een ouder echtpaar en hun kleinkind dood had gereden. Aan deze man was een werkstraf opgelegd. De teneur van mijn post was dat ik dit een prima straf vond voor deze man. Je kunt je wellicht voorstellen dat anderen hier anders over denken. Ik heb toen één of twee reacties gekregen in de trant van “Meester Leonie moet zeker ergens een wit voetje halen”, of “Wat een achterlijk bericht”. Dat soort dingen. Dit soort berichten negeer ik. Ik ga niet in discussie en zeker geen bericht terugsturen dat ik geen wit voetje wil halen, omdat… etc. etc. Ik denk dat je bij het innemen van een dergelijk standpunt kunt verwachten dat er altijd mensen zijn die het niet met je eens zijn. En dat mag ook. Behalve dit soort opmerkingen heb ik gelukkig nog nooit gemerkt dat er negatief gereageerd is op mijn blog. Juist het tegenovergestelde.

Concluderend kan worden gesteld dat Meester Leonie het fantastisch vindt dat het recht steeds toegankelijker wordt voor de ‘gewone burger’. Dat is ook wel op te maken uit de doelstelling van van de Facebookpagina en de website van Meester Leonie: het dichter bij elkaar brengen van maatschappij en strafrecht. In de blog: http://meesterleonie.nl/meester-leonie-gaat-van-start/ wordt dit door haar ook nog nog eens benadrukt.
Het komt er kort gezegd op neer dat Meester Leonie opmerkingen als “Nederland straft veel te mild”, en “De doodstraf moet worden ingevoerd” net iets te vaak had gehoord. Omdat ze (te) weinig tegengeluid hoorde, is ze toen zelf maar begonnen met het produceren daarvan. Er zijn een hoop misvattingen omtrent het (straf)recht. Doordat het recht steeds toegankelijker wordt voor de burger, hoopt ze dat die misvattingen langzaamaan verdwijnen. Zij denkt dat de zittende magistratuur door het toegankelijkere recht zeker niet minder geloofwaardig wordt. Het is meer het tegenovergestelde: als zij juist hun kennis en kunde met ons delen, maakt dat hen méér geloofwaardig. Hetzelfde geldt voor de staande magistratuur. En voor strafrechtadvocaten natuurlijk ook! 

-------------------------------------------------------------------------------------------

Lees hier deel 1 en deel 3 in de serie Mediatisering van het recht!