Moeten de beroepsregels voor advocaten worden aangepast?

Een experiment voor de aanpassing van de regels

Door: Naomi Peters

Vanaf 1 januari 2021 is er een belangrijk experiment gestart voor de advocatuur. Er wordt onderzocht of eventuele nieuwe marktstructuren kunnen leiden tot een lagere drempel voor rechtzoekenden. Dit experiment is begonnen, omdat grote advieskantoren te maken hebben met een groeiende vraag naar integrale dienstverlening bij bijvoorbeeld overnames. Deze kantoren geven financieel advies, zonder dat er een advocaat ingeschakeld mag worden vanuit het kantoor. De cliënt moet dan zelf een externe advocaat inschakelen, terwijl bijvoorbeeld integrale dienstverlening efficiënter sneller zou kunnen wanneer deze van binnenuit juridisch advies zou kunnen geven. Echter, hiervoor moet de juridische markt opengebroken worden. Big Four kantoren proberen hun kans te grijpen op interne advocaten. Deze kantoren worden zo genoemd, omdat zij de grootste zakelijke dienstverleners zijn ter wereld. Kantoren zoals Deloitte, EY, KPMG Meijburg en PWC mochten door de strenge beroepsregels, zoals de onafhankelijkheid van de advocaat, jarenlang geen advocaten in dienst nemen. Nu lijken de beroepsregels op de schop te gaan en willen de kantoren hiervan profiteren door een deel van de markt voor juridische diensten over te nemen.[1] Zij willen naast financiële dienstverlening ook een advocatenpraktijk starten.

De vraag die nu opkomt is: wat houdt het nieuwe experiment precies in en waarom wordt dit nu gestart? Deze vraag zal beantwoord worden in deze bijdrage. Er wordt eerst ingegaan op de kernwaarden van een advocaat. Vervolgens wordt Nederlandse Orde van Advocaten (hierna: NOvA) uitgelegd. Tot slot wordt het experiment uiteengezet met de voordelen en nadelen op een rijtje.

Kernwaarden van een advocaat

De advocatuur kent een aantal kernwaarden, die een belangrijke rol spelen bij het handelen van de advocaat. Een advocaat moet onafhankelijk, partijdig, deskundig en integer zijn. Jaarlijks vindt er bijscholing plaats door middel van een vakbekwaamheid opleiding. Ook heeft een advocaat een wettelijk beroepsgeheim. Al deze kernwaarden bij elkaar zorgen  voor een goede rechtsbedeling en rechtsbescherming van de cliënt.[2] De belangrijkste kernwaarde (voor het experiment) betreft de onafhankelijkheid van de advocaat. Er wordt namelijk onderzocht of de onafhankelijkheid wel gewaarborgd blijft bij een aanpassing van de beroepsregels. Een advocaat moet zich laten leiden door het belang van de cliënt, niet in het belang van de werkgever of de overheid. Naast de kernwaarden gelden er voor advocaten ook gedragsregels, waarin de beroepsplichten zijn opgenomen. Het zijn bijvoorbeeld regels over het verschaffen van juiste informatie, vertrouwelijkheid en doelmatigheid.

Wat is de Nederlandse orde van advocaten?

De NOvA is een publiekrechtelijke beroepsorganisatie voor de advocatuur die op basis van de Advocatenwet is ingesteld. De NOvA wordt gevormd door alle advocaten in Nederland en bevordert een behoorlijke uitoefening van de praktijk door advocaten. De NOvA stelt regels voor de advocatuur en ziet toe op naleving daarvan. Ook beroepsopleidingen stellen regels voor de advocatuur. De belangen van de advocatuur en rechtzoekende worden behartigd door de NOvA. Dit alles tezamen zorgt voor een goede kwaliteit en toezicht op de advocatuur. Het doel is een goed functionerende rechtsstaat, waar de NOvA zelf een constructief-kritische, proactieve en onafhankelijke rol vervult om de toegang tot het recht te borgen. Onafhankelijkheid is een belangrijke waarborg voor de advocaten. Dit uit zich ook in de jaarlijkse financiële bijdrage van de advocaten, om ervoor te zorgen dat de NOvA volledig onafhankelijk is van de overheid. [3]

De NOvA staat onder druk om de beroepsregels voor advocaten aan te passen, omdat deze beroepsregels mogelijk de marktwerking frustreren. De Autoriteit Consument & Markt (hierna: ACM) geeft de NOvA een laatste kans om zelf de regels aan te passen, maar benadrukt over te gaan tot een onderzoek als daar aanleiding voor blijkt te zijn. Het gaat met name om de tweede beroepsregel, de onafhankelijkheid. De onafhankelijkheid kan onder druk staan wanneer de advocaat onder leiding van een werkgever staat die geen vakgenoot is, omdat werkgevers gunstige beslissingen kunnen maken voor eigen belang. Wat niet altijd in het belang voor de cliënt is.

Het experiment

Eind vorig jaar is een experiment aangekondigd, waarbij onder strikte voorwaarde meer toegestaan is voor advocaten in dienst bij stichting Schaderegelingskantoor (hierna: SRK). De rechtsbijstandverlener SRK had de ACM gevraagd de regels te onderzoeken.[4] Zij wil namelijk via het dochterbedrijf Brandmeester (hierna: BrandMR) advocaten diensten laten verlenen aan cliënten zonder rechtsbijstandverzekering. Dit was altijd verboden, omdat advocaten niet in dienst mogen zijn bij ondernemingen die niet onder leiding staan van vakgenoten. De enige uitzondering gold voor rechtsbijstandverzekeraars. Rechtsbijstandverzekeraars mochten namelijk advocaten in dienst nemen wanneer zij mensen met een verzekering bijstonden. Gedurende vijf jaar mag de rechtsbijstandsverzekeraar optreden voor zowel verzekerden als niet-verzekerden. Hierdoor kunnen rechtzoekenden die niet verzekerd zijn en niet in aanmerking komen voor gefinancierde rechtsbijstand toch juridisch bijgestaan worden. De resultaten zijn nu nog niet zichtbaar en is dus nog afwachten. Het zou grote veranderingen teweeg kunnen brengen voor de advocatuur, zoals meer concurrentie maar ook meer innovatiemogelijkheden.[5]

Het experiment gaat vijf jaar duren en is gestart op 1 januari 2021. Er wordt gekeken naar mogelijkheden voor een ‘nieuw systeem van regelgeving rond toegestane bedrijfsstructuren voor advocaten’.[6] Een lid van de algemene raad van de NOvA, van Kampen, benadrukt dat de onafhankelijkheid van de advocaat voorop blijft staan. “Een advocaat in dienst bij een werkgever kan vanuit commerciële overwegingen onder druk worden gezet om zaken te doen die niet in het belang van de cliënt zijn, maar in het belang van de werkgever”. Als de bestuurders van die werkgever zelf wel advocaat zijn, vallen ze onder het toezicht door de deken, legt van Kampen uit. [7]

De NOvA gaat in een breder perspectief kijken naar het initiatief van BrandMR. Ook gaan ze onderzoeken hoe de beroepsregels mogelijk moeten worden aangepast aan veranderingen in de markt voor juridische dienstverlening. De ACM heeft een verkennend onderzoek gedaan, waaruit is gebleken dat de advocatenorde bereid zou zijn de beroepsregels aan te passen.[8] De NOvA beoogt meer kennis en ervaring op te doen voor een eventuele systeemwijziging van regelgeving. Hierbij worden de kernwaarden van de advocaat wel gewaarborgd. De deelnemende rechtsbijstandverzekeraars mogen ook voor niet-verzekerden optreden. De belangrijke kernwaarde van onafhankelijkheid wordt hiermee gewaarborgd, omdat het merendeel van het bestuur van de rechtsbijstandverzekeraars zelf advocaat moet zijn. Dit zorgt ervoor dat de advocaten onder leiding van een vakgenoot staan. In een arbeidsrelatie met een werkgever die niet zelf advocaat is, is er een risico dat de onafhankelijkheid niet gewaarborgd kan worden. De werkgever kan druk uitoefenen op de advocaat, door bijvoorbeeld aan te dringen om tot schikken over te gaan, zodat de proceskosten laag blijven. Dit is niet altijd in het voordeel van de cliënt. Als de werkgever zelf een advocaat is, kan er toezicht op gehouden worden.[9]

De SRK richt zich op de groep Nederlanders die geen aanspraak kan maken op sociale rechtshulp, maar ook geen advocaat kan betalen. Volgens eigen onderzoek loopt 25% van de Nederlanders bij een geschil professionele rechtshulp mis. SRK wil juist BrandMR inzetten om deze mensen te gaan helpen tijdens het experiment, waardoor de niet-verzekerden ook rechtshulp kunnen krijgen. Dit zou eigenlijk niet mogelijk zijn door de Advocatenwet. Echter, de Marketingdirecteur Peter Hoitinga beargumenteerd: “We voldoen aan alle kernwaarden van de NOvA, behalve aan één regel: het feit dat bij ons geen advocaten in het bestuur zitten. We hebben wel advocaten in loondienst die volledig onafhankelijk werken”.[10] De onafhankelijkheid wordt hierdoor zo goed mogelijk gewaarborgd.

Voordelen advocaten bij een advieskantoor

Volgens Big Four kantoren hebben cliënten er voordeel bij dat zaken bij één kantoor kunnen worden geregeld. Veel zaken vragen om een multidisciplinaire aanpak, waarbij naast een adviseur, fiscalist of accountant ook vaak een advocaat nodig is. Nu advocaten bij deze Big Four kantoren niet in dienst mogen zijn, moet een externe advocaat ingeschakeld worden. De juridische afdelingen van de dienstverleners staan op deze manier buitenspel in de rechtszaal. Met dit experiment wordt dit wél mogelijk.

Een advocaat mag alleen procederen voor niet-verzekerden als deze in dienst is van een advocatenkantoor. De advocaat moet onder leiding van vakgenoten staan, wat niet het geval is bij een advieskantoor. Gezien de vooraanstaande positie van de Big Four kantoren, is het voor deze kantoren makkelijker om te investeren in automatisering en technologie van juridisch werk dan in kleinere advocatenkantoren. Dit heeft als gevolg dat Juridisch bulkwerk, zoals het analyseren van standaardcontracten, sneller verloopt en daardoor goedkoper is voor de cliënt in vergelijking met een traditionele advocaat.[11]

Nadelen van een advocaat bij een advieskantoor

Accountants staan voor onpartijdigheid, objectiviteit en onafhankelijkheid, terwijl advocaten juist het belang van de cliënt voorop stellen. Om het belang van de cliënt te waarborgen, moet de advocaat dus juist partijdig zijn. EY en Deloitte hebben op deze gedachtegang gereageerd. Zij stelden voorop dat het de adviestakken van de kantoren zijn - niet de accountants - die in het belang van hun cliënten meerwaarde zien in een samenwerking met eigen advocaten. Hierdoor is er geen spanning met de onafhankelijkheid van een advocaat. “Er is een groeiende vraag naar geïntegreerde juridische dienstverlening, inclusief een toename in de vraag naar mogelijkheid om zich te beroepen op het verschoningsrecht en de mogelijkheid tot procederen. Dat recht is nu exclusief voorbehouden aan de advocatuur. Met de mogelijkheid om ook advocaten in dienst te nemen, kunnen wij voldoen aan de vraag” legt Deloitte uit.[12] De nadelen die u zou kunnen bedenken van de toenadering tussen advieskantoren en de advocatuur, lijken dus een voordelige uitkomst te hebben voor de cliënt.

Conclusie

Volgens de gouden regel van de advocatuur mogen advocaten alleen in loondienst zijn bij een advocatenkantoor. Dit zorgt ervoor dat advocaten onafhankelijk werken en dat de cliënt op de eerste plaats komt. Op deze gouden regel geldt een uitzondering voor rechtsbijstandverzekeraars. Rechtsbijstandverzekeraars mogen ook advocaten in dienst nemen wanneer ze mensen met een verzekering helpen. Echter, deze uitzondering is niet voldoende gebleken. Niet iedereen kan zich rechtsbijstand veroorloven, waardoor een deel van de Nederlanders geen rechtsbijstand kan hebben. Dit experiment van SRK zorgt ervoor dat ook niet-verzekerden geholpen kunnen worden. Advocaten in dienst bij een advieskantoor kunnen zorgen voor meer efficiëntere dienstverlening. Misschien dat over vijf jaar de markt voor juridische dienstverlening wel erg verandert, omdat de NOvA wel bereid zou kunnen zijn om de strenge beroepsregels aan te passen. Op de uitkomst van dit experiment zullen we dus nog even moeten wachten.


[1] J. Polman & M. Pols, ‘Big four-kantoren staan klaar om de advocatenmarkt te bestormen’, het financieel dagblad 5 januari 2021 (fd.nl).

[2] Artikel 10a advocatenwet

[3]  ‘Over de NOvA’, Nederlandse orde van advocaten (advocatenorde.nl).

[4] ‘SRK vraagt ACM om ‘belemmerende’ advocatenregels te onderzoeken’, advocatie 21 november 2019 (advocatie.nl).

[5] ‘Advocatuur start experiment met juridische bijstand door bijstandsverzekeraars’, Accountant 4 december 2020 (accountant.nl).

[6]  J. Polman, ‘Advocatenorde zet eerste stap om juridische markt open te breken’, het financieel dagblad 3 december 2020 (fd.nl).

[7] ‘Advocatuur in beweging met experiment: rechtsbijstandsverzekeraars morgen niet-verzekerden bijstaan’, advocatenorde 3 december 2020 (advocatenorde.nl)

[8] M. Pols, ‘kartel waakond zet orde van advocaten onder druk over beroepsregels’, het financieel dagblad 18 februari 2020 (fd.nl).

[9] ‘Experiment met rechtsbijstandsverzekeraars’, Nederlandse orde van advocaten (advocatenorde.nl).

[10] ‘Nieuw initiatief srk onder vuur: advocaten gaan ook niet verzekerden helpen’, advocatie 24 oktober 2019 (advocatie.nl).

[11] R. Haverman, ‘Big Four versus advocatuur: een technical knockout - deel 1’, advocatie 11 mei 2020 (advocatie.nl).

[12] ‘Big Four: ‘Advocaten zijn niet interessant voor accountancy’, accountant 22 januari 2021 (accountant.nl).