Ondermijning: gemene deler van drugsafval en bedreigde burgemeesters

door:
Googel ‘drugsafval’, klik op ‘Nieuws’ en tel het aantal recente nieuwsberichten van regionale media. Waarschijnlijk kom je vingers tekort om het aantal drugsafvallozingen op twee handen te tellen. Een greep uit de trieste balans van de eerste twee weken van december: ‘Jerrycans met mogelijk drugsafval in Munstergeleen’ (De Limburger, 8 december 2018), ‘Massale dump van drugsafval in bossen Lage Vuursche’ (Noordhollands Dagblad, 6 december 2018), ‘Vaten vol drugsafval gedumpt in Bilthoven’ (De Gooi- en Eemlander, 5 december 2018), ‘Handhaving Dordrecht vindt grootste dumping drugsafval ooit op eiland van Dordt’ (RTV Rijnmond, 3 december 2018).

Drugsafval en kosten

Bedenk daarbij dat het opruimen van drugsafval al snel een slordige tienduizend euro kost, tel daar de kosten van een vaak noodzakelijke grondsanering bij op en voilà: twintig, dertig of veertigduizend euro gemeenschapsgeld verdwijnt in het luchtledige.

Het meest schrijnend zijn de gevallen waarin particuliere grondeigenaren zelf volledig voor de opruimkosten dienen op te draaien. Waar het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat tussen 2015 en 2017 nog jaarlijks 1 miljoen euro vrijmaakte in haar begroting vrijmaakte voor cofinanciering (tot maximaal 50%) van de opruimkosten van drugsafval voor gemeenten en particuliere grondeigenaren, legt staatssecretaris Stientje van Velthoven de bal nu bij gemeenten en provincies voor een eventueel nieuw op te richten fonds.[1]

In 2016 en 2017 werden twee grondeigenaren van een weiland in Nuenen gedupeerd na een drugsafvallozing, waarna het college van B&W de opruimkosten (ter hoogte van 45.000 euro) wegens - vermeende - overtreding van artikel 1a Woningwet wilde verhalen op de eigenaren. Nadat de rechtbank Oost-Brabant oordeelde dat het onredelijk is de eigenaren van het weiland te laten opdraaien voor de kosten[2], zal de Raad van State binnen afzienbare tijd uitspraak doen op het hoger beroep van B&W van Nuenen.[3]

Bedreigde burgemeester: Nederlander van het Jaar 2018

Ongeveer tegelijkertijd met de lozing van 40 vaten drugsafval in Lage Vuursche, riep Elsevier vorige week de ‘(bedreigde) burgemeester’ uit tot Nederlander van het Jaar 2018.[4] Uit onderzoek van het WODC uit 2017 blijkt dat een kwart van de burgemeesters in Nederland gebukt gaat onder bedreigingen. Hoewel slechts 1% hiervan aangaf dat deze bedreigingen daadwerkelijk invloed hebben gehad op de besluitvormingsprocessen[5], sijpelt de invloed van de bedreigingen ontegenzeggelijk door in het openbaar bestuur, en bovenal in de persoonlijke levenssfeer van de burgemeester. 

Glashard bewijs is vaak niet aanwezig – de uitingen worden doorgaans anoniem gedaan – maar meestal ligt het voor de hand dat de bedreigingen uit de hoek van drugscriminaliteit komen, als represaille voor het actieve handhavingsbeleid van burgemeesters ten aanzien van drugsproblematiek in bepaalde gemeenten. [6]

Ondermijningswetgeving

Het wijdverbreide probleem van burgemeestersbedreigingen staat dan ook in nauwe relatie met een breder maatschappelijk probleem: ‘ondermijning’, ook wel ‘ondermijnende criminaliteit’. Het begrip ‘ondermijning’fungeert in feite als kapstokterm en omvat ‘verscheidene vormen van zware criminaliteit die de samenleving ontwrichten en zo de rechtsstaat ondermijnen.’ [7] Onder ondermijning valt daarmee niet enkel het faciliteren van drugshandel en -productie door vastgoedeigenaren, maar ook de infiltratie van criminelen in het openbaar bestuur en het gebruik van huurvoertuigen voor criminele activiteiten.

In het regeerakkoord is de aanpak van ondermijnende criminaliteit tot speerpunt gemaakt, waarbij 100 miljoen euro wordt vrijgemaakt voor een speciaal ondermijningsfonds. Deze extra financiële stootkracht loopt parallel aan de Ondermijningswet: een verzamelwet van meerdere wetswijzigingen ter aanpak van ondermijnende criminaliteit.[8] De focus van de verschillende wetsvoorstellen en het ondermijningsfonds ligt daarbij op de illegale drugsindustrie en de daarmee gepaard gaande verwevenheid van onder- en bovenwereld.[9] Twee (van de in totaal veertien[10]) maatregelen verdienen een specifieke toelichting.

Wijziging Wet Bibob

Met de Wet Bibob (Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur) kan worden voorkomen dat de overheid onbewust criminaliteit faciliteert. De voorgestelde uitbreiding van het toepassingsbereik van de Wet Bibob komt neer op een versterking van de eigen onderzoeksmogelijkheden van bestuursorganen, vervat in meerdere maatregelen.

In de eerste plaats worden de weigeringsgronden inzake beschikkingen uitgebreid, in die zin dat niet langer louter strafrechtelijke veroordelingen aan positieve beschikkingen in de weg kunnen staan. Momenteel kan op grond van de Wet Bibob een vergunning worden ingetrokken of geweigerd indien ernstig gevaar bestaat dat de vergunning zal worden gebruikt voor criminele doeleinden. Gelet hierop bepaalt artikel 3 van de Wet Bibob nu nog dat de mate van gevaar wordt vastgesteld op basis van feiten en omstandigheden die erop wijzen of redelijkerwijs doen vermoeden dat de betrokkene in relatie staat tot strafbare feiten. Met het wetsvoorstel worden behalve veroordelingen wegens strafbare feiten, ook onherroepelijke strafbeschikkingen (ex artikel 257a Sv) en onherroepelijke bestuurlijke boetes gekwalificeerd als feiten en omstandigheden die wijzen op ‘ernstig gevaar’ voor het benutten van uit strafbare feiten verkregen voordeel met behulp van de vergunning.

Daarnaast wordt de informatiepositie van de gemeente zelf in het eigen onderzoek versterkt. Overheden krijgen niet alleen toegang tot de gegevens van betrokkene zelf, maar ook tot justitiële en strafvorderlijke gegevens van de zakelijke omgeving van de betrokkene. Gemeenten zijn daardoor beter gewaarschuwd tegen stromanconstructies. Verder wordt de Wet Bibob van toepassing op álle aanbestedingen (waaronder die betrekking hebben op personenvervoer en zorg) en niet enkel aanbestedingen die betrekking hebben op bouw, ICT en milieu, zoals nu nog het geval is.[11]

Verruiming sluitingsbevoegdheid burgemeester (artikel 13b Opiumwet)

Waar in het geval van een Bibob-procedure de burgemeester niet per se op de voorgrond treedt, komt de groeiende macht van de burgemeester wel sterk tot uitdrukking in de verruiming van de bevoegdheid van de burgemeester om – ex artikel 13b Opiumwet - drugspanden te sluiten. Dit artikel, met de toepasselijke bijnaam ‘Wet Damocles’, stelt dat de burgemeester bevoegd is tot oplegging van een last onder bestuursdwang (waaronder een bevel tot sluiten van een woning) indien in, op of bij woningen een in de Opiumlijst bedoeld middel wordt verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is.Met de verruiming van dit wetsartikel kan de burgemeester in de toekomst ook een pand sluiten indien het pand gebruikt wordt voor strafbare voorbereidingshandelingen ten aanzien van drugshandel en/of –productie, zónder dat er daadwerkelijk een handelshoeveelheid drugs wordt aangetroffen. De nieuwe bepalingen vereisen dat degene die een voorwerp of stof in een woning of een lokaal voorhanden heeft, (zelf) weet - of ernstige reden heeft om te vermoeden - dat het voorwerp of de stof bestemd is voor onder meer het bereiden, bewerken of vervaardigen van harddrugs, respectievelijk voor grootschalige of bedrijfsmatige illegale hennepteelt. Het wetsvoorstel is afgelopen dinsdag 11 december door de Eerste Kamer aangenomen.

Veranderende rol van de burgemeester

Met de invoering van bovenstaande maatregelen worden de bevoegdheden van de burgemeester, vooral in het kader van artikel 13b Opiumwet, uitdrukkelijk ruimer. Waar de burgemeester van oudsher verantwoordelijk is voor de handhaving van de openbare orde en veiligheid, houdt de burgervader zich nu meer en meer bezig met de bestrijding van georganiseerde (drugs)criminaliteit binnen zijn of haar gemeentegrenzen. Deze veranderende rol van de burgemeester, die zich almaar meer ontpopt tot crimefighter, is dan ook aan kritiek onderhevig. Bij monde van Liesbeth Spies, voorzitter van het Genootschap van Burgemeesters, blijkt dat de scheve balans tussen oorspronkelijke rol en nieuwe taken niet helemaal wenselijk is: ‘Ik vind dat we die burgemeester niet oneindig moeten blijven behangen met allerlei taken. Je moet de balans proberen te houden tussen dat wat je aan de burgemeester vraagt in zijn rol van burgervader/burgermoeder voor iedereen en dat wat bij het strafrecht zou moeten blijven.’ [12]

Het is dus de vraag of de genoemde ontwikkelingen wenselijk zijn. Met de ruimere (sluitings)bevoegdheden in het kader van de Ondermijningswet, kan immers worden betoogd dat – paradoxaal genoeg - juist de rol van de burgemeester, zoals de gemeentewetgever die hem heeft toebedeeld, wordt ondermijnd. De kans bestaat dan ook, los van de vraag of de maatregelen niet louter een waterbedeffect hebben (een sluiting van een drugspand in wijk a, opgevolgd door het ontstaan van een drugspand in wijk b), dat de traditionele rol van de burgemeester wordt ondermijnd. Prof. mr. A.E. Schilder, hoogleraar Staats- en bestuursrecht aan de VU, stelt: ‘de burgemeester, hoe zijn bevoegdheden ook worden uitgebreid, niet is opgewassen tegen het geweld dat verbonden is aan het type criminaliteit dat hij zou moeten bestrijden. Daarvoor is hij eenvoudigweg – door de wijze waarop het burgemeestersambt in ons staatsbestel is vormgegeven – te kwetsbaar. Noch is hij daarvoor opgeleid of geselecteerd.’[13] Behalve het grotere risico op bedreigingen zijn zelfs aanslagen op gemeentehuizen inmiddels geen utopie meer, zo weten ook de inwoners van Lingewaard en Waalre. Tegelijkertijd lijken burgemeesters juist zélf vaak de grootste voorstanders van ruimere bevoegdheden voor het openbaar bestuur, getuige ook een interview met 6 Brabantse burgemeesters in 2017.[14]

Twee wegen

Na dit alles krabben liefhebbers van synthetische drugs zich waarschijnlijk ook nu waarschijnlijk niet achter de oren: voor fervente XTC- en/of MDMA-gebruikers lijkt de problematiek die gepaard gaat met drugshandel en -productie slechts een ver-van-mijn-bed-show. Arjen Lubach pleitte recentelijk nog voor legalisering, maar zolang 80 à 90%[15] van de in Nederland geproduceerde middelen naar het buitenland wordt geëxporteerd en legalisering op Europees en internationaal niveau onmogelijk – laat staan wenselijk of gewenst – is, blijft handhaving en de aanpak van ondermijning noodzakelijk. Bestuursrecht of strafrecht, that’s (zoals wel vaker) the question.


[1] Brief van de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat van 14 juni 2018, beantwoording Kamervragen van het lid Stoffer (SGP) over de vergoeding van kosten voor het opruimen van gedumpt drugsafval: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2018/06/14/beantwoording-kamervragen-van-het-lid-stoffer-sgp-over-de-vergoeding-van-kosten-voor-het-opruimen-van-gedumpt-drugsafval

[2] Rb. Oost-Brabant 20 december 2017, ECLI:NL:RBOBR:2017:6606. 

[3]Persagenda Raad van State, vrijdag 19 oktober 2018: https://www.raadvanstate.nl/agenda/persagenda.html?date=2018-10-19&year=2018&month=10

Zie overigens ook ECLI:NL:RVS:2014:2978 (Valkenswaard), waarin de Afdeling al oordeelde dat de opruimkosten niet op de eigenares van een bosperceel kunnen worden verhaald. In casu werd hier een overtreding van de Wet bodembescherming (artikel 13) aan de eigenares ten laste gelegd, en niet - zoals in Nuenen - een overtreding van Woningwet (artikel 1a).

[4] Carla Joosten, ‘Zo werd de burgemeester een ongewilde schietschijf’, elsevierweekblad.nl 5 december 2018. 

[5] Nieuwsbericht Rijksoverheid, ‘Weerbaarheid lokaal bestuur tegen ondermijnende criminaliteit beter in beeld’, rijksoverheid.nl5 oktober 2017.

[6] Zie overigens ook de bedreigingen gericht aan burgemeester Molkenboer van Woerden. In dit geval werd een bedreiging op de openbare weg gekalkt, met als afzender ‘groetjes drugsdealls’ (sic): Redactie, ‘Doodsbedreigingen burgemeester Woerden en politie op weg gekalkt’, nos.nl24 juli 2017. 

[7]Wendelmoet Boersema, ‘Is 100 miljoen tegen ondermijnende criminaliteit genoeg? “Nu ontsnappen de grote vissen” ’, Trouw.nl18 november 2018.

[8] Kamerstukken II 2017/18, 29911, 180.

[9] Kamerstukken II 2017/18, 29911, 212.

[10]Kamerstukken I 2018/19, 35000 VI, D.

[11] Reint Baas, ‘Wijziging van de Wet Bibob in de strijd tegen ondermijnende criminaliteit’, blogbestuursrecht.nl2 juli 2018. 

[12] Carla Joosten, ‘Zo werd de burgemeester een ongewilde schietschijf’, elsevierweekblad.nl5 december 2018.

[13] A.E. Schilder, ‘Ondermijning van burgemeestersambt voorkomen’,Gst.2018/75, afl. 7473.

[14] Peter de Graaf, ‘Zo gaan zes Brabantse bestuurders drugsmisdaad te lijf’, Volkskrant.nl14 februari 2017. 

[15] Jan Tromp, ‘Criminelen in Nederland produceren jaarlijks voor bijna 20 miljard euro aan synthetische drugs zoals XTC en speed’, Volkskrant.nl 25 augustus 2018. 


Discussie

Relevante artikelen